Menu

De gopis zegenen Uddhava

13 februari 2022


śrī śrī guru gaurāṅgau jayataḥ!

Bhakti Lezingen

www.purebhakti.com/teachers/bhakti-discourses/
22-discourses-2003/296-the-gopi-s-mercy-upon-uddhava

Laatst bijgewerkt 09 februari 2022
Miami, Florida, Verenigde Staten, 09 februari 2003
nitya-līlā praviṣṭa oṁ viṣṇupāda

Śrī Śrīmad Bhaktivedānta Nārāyaṇa Gosvāmī Mahārāja





De gopis zegenen Uddhava



Sri Bhaktivedanta Narayana [In deel 1 van deze lezing, "Kom met mij mee naar Nandagaon", heeft Srila Narayana Maharaja verteld, dat Uddhava door Krsna naar Vraja werd gestuurd om Zijn ouders te troosen en vooral de gopis te troosten. De gopis gingen Uddhava ondervragen over de aard van Krsna's liefde voor hen en ze gaven tevens hun eigen versie over de vraag, waarom Krsna hen had achtergelaten en naar Mathura was vertrokken. Hier in deel 2 vervolgen de gopis hun gesprek met Uddhava en ze laten hem tevens getuige zijn van de meest verheven staat van liefde in afgescheidenheid van Srimati Radhika.]

nihsvam tyajanti ganika
    akalpam nrpatim prajah
adhita-vidya acaryam
    rtvijo datta-daksinam


Toen gaven de gopis een tweede voorbeeld, "Akalpam nrpatim prajah - Als een koning wordt onttroond en verarmd raakt, geven zijn onderdanen hem geen respect meer. Ze keren zich tegen hem; ze zullen er nooit aan denken om voor hem te zorgen. De koning kan een hoge klasse welzijnswerker voor zijn burgers zijn geweest, die altijd zoveel voor hen had gedaan, en desondanks wijzen ze hem af, zodra de omstandigheden zijn gewijzigd." Koning Rama is hiervan een voorbeeld. Ondanks dat Hij zoveel voor Zijn onderdanen had gedaan, vroegen velen zich af, "Waarom heeft Rama Sita bij Zich gehouden? Ze heeft tien maanden in het huis van Ravana doorgebracht. Waarom heeft Hij Haar gehouden? Zo velen twijfelden en daagden Hem uit, "Was daar geen getuige bij? In de toekomst gaan alle onderdanen het slechte voorbeeld van Rama volgen. Ze zullen een karakterloze vrouw bij zich houden zonder voor de consequenties zorg te dragen. Ze zullen zich van regels en regulerende principes niets meer aantrekken." Rama dacht, "Ik doe alles voor hen, Ik geef hen Mijn leven en ziel en toch gaan ze Me beschuldigen en hebben ze geen vertrouwen in Me. Wat heeft Sita misdaan? Het zijn dwaze figuren. Ik zal hun voorstel niet volgen; Ik zal Sita niet opgeven."

adhita-vidya acaryam
rtvijo datta-daksinam


De gopis gingen door, "Stel je voor, dat een jongen naar de gurukula is geweest en daar allerlei zaken heeft geleerd. Nadat hij zijn schoolse leven heeft afgerond, geeft hij zijn gurudeva een donatie (guru daksina). Als hij dan naar huis terugkeert, heeft hij verder geen relatie met die guru meer en zal hij nooit meer aan hem terugdenken. Deze vorm van liefde en genegenheid is uiterlijk en is niet authentiek."

khaga vita-phalam vrksam
    bhuktva catithayo grham
dagdham mrgas tatharanyam
    jara bhuktva ratam striyam

["Vogels verlaten een boom, zodra de vruchten eruit zijn, gasten verlaten een huis, nadat ze hebben gegeten, dieren verlaten een bos, dat is uitgebrand, en een minnaar verlaat de vrouw, van wie hij heeft genoten, zelfs al blijft ze aan hem gehecht" (Srimad-Bhagavatam 10.47.8).]

Veel vogels nemen hun intrek in een mooi groen bos, waar een overvloed aan vruchten groeien om te eten en waar water stroomt om te drinken. Ze worden daar in alles voorzien. Die vogels leven heel gelukkig in dat bos, maar als er een brand uitbreekt, die de bomen verbrandt, vertrekken de vogels naar een ander bos. In dit geval is de liefde en genegenheid van de vogels voor het bos ook vol eigenbelang.

"Bhuktva catithayo? Een arm persoon gaat van deur naar deur om te bedelen en een paar adviezen te geven. Nadat een gezinslid hem dan een donatie heeft gegeven, blijft hij geen minuut langer staan om instructie te geven. Deze liefde en genegenheid was louter bedoeld om een donatie te collecteren."

Een andere sakhi zei, "O Uddhava, er ging een rijkaard naar een prostituee en gaf haar een grote som geld. Hij bracht de hele nacht met haar door en nadat hij zijn lusten had bevredigd, ging hij terug naar huis. Hij heeft die prostituee nooit meer teruggezien."

iti gopyo hi govinde
    gata-vak-kaya-manasah
krsna-dute samayate
    uddhave tyakta-laukikah

gayantyah priya-karmani
    rudantyas ca gata-hriyah
tasya samsmrtya samsmrtya
    yani kaisora-balyayoh

["De gopis, wier woorden, lichaam en geest volkomen waren gewijd aan Sri Govinda, waren zo aan het converseren en hadden hun dagelijkse taken terzijde geschoven, nu Krsna's boodschapper, Sri Uddhava, bij hen was gekomen. Ze dachten onafgebroken aan de activiteiten, die hun geliefde Krsna in Zijn kindertijd en jeugd had uitgevoerd, ze zongen erover en huilden schaamteloos (Srimad-Bhagavatam 10.47.9-10).]

De gopis treurden en huilden. Toen Uddhava dit zag, huilde hij ook, maar hij kon op geen van hun vragen antwoord geven.

De gopis bejubelden de eigenschappen en attributen van Krsna alsvolgt, "Hij is zo mooi en genadevol. Hij heeft ons beschermd tegen de vajra (bliksemschicht) van Indra. Hij heeft zeven dagen lang Giriraja Govardhana opgetild om ons een plezier te doen en te beschermen. Hij is er altijd voor ons geweest en Hij heeft ons zoveel beminnelijke katha verteld. Hij zei, 'O gopis, jullie zijn Mijn grootste geliefden. Ik ben niet in staat jullie in duizenden en duizenden levens te compenseren. Jullie zijn Mijn hart en ziel.' Maar waar is Hij nu? Waar is Krsna?"

De gopis hadden herinneringen aan Krsna en aan het zoete spel van Zijn balya-lila (kindertijd) en kaisora-lila. Ze moesten vooral denken aan rasa-lila, de lila-cakravarti, het kroonjuweel van alle spel en vermaak.

Toen namen de gopis Uddhava mee en zeiden, "Kom mee, dan kun je onze meest dierbare priya-sakhi zien." Uddhava ging met hen mee en zag een heel smal gouden 'standbeeldje' op een bed van lotusbloemen liggen. Ook al waren die bloemen koel en aromatisch, zodra ze op Haar bed werden gelegd, droogden ze uit. De koele candana, sandelhoutpasta, was ook opgedroogd. Omdat er maar zeer weinig adem in en uit Haar lichaam ging, kon Uddhava niet zien, of Ze leefde of dood was. Een gopi pakte een pluisje zachte katoen en hield het onder Haar neus. Er was enigszins adem waarneembaar, maar het leek erop, dat Ze ieder moment kon sterven. En niemand kon Haar redden. Krsna was nu in Mathura en die gopi, Srimati Radhika, lag daar te treuren.

kacin madhukaram drstva
    dhyayanti krsna-sangamam
priya-prasthapitam dutam
    kalpayitvedam abravit

["Een van de gopis, die dacht aan Haar voorgaande associatie met Krsna, zag een honingbij in Haar nabijheid en beeldde Zich in, dat hij een boodschapper was, die door Haar geliefde was gestuurd. Ze sprak alsvolgt" (Srimad-Bhagavatam 10.47.11).]

Haar ogen waren gesloten, toen Ze aan Krsna dacht en ze zei, "Krsna? Die zwarte oplichter? Hij heeft ons bedrogen. Hij is van binnen zwart en van buiten zwart. Hij zit in Mathura met allerlei ontzettend mooie Yadava-patnis, dames van de Yadu dynastie. Ze was boos, toen Ze een zwarte hommel langs zag vliegen. De hommel verlangde van nature naar de geur van een lotusbloem en nu dacht hij, dat de lotusvoeten van Srimati Radhika een zachte, geurende, rode lotusbloem waren. Hij maakte de overweging, "Daar moet ik gaan zitten en de honing uit die bloem halen." Toen Srimati Radhika die hommel om Haar voeten heen zag vliegen, nam haar woede toe.

Toen Uddhava Haar citrajalpa (onsamenhangende prietpraat veroorzaakt door een hevig gevoel van afgescheidenheid) hoorde, die werd gesproken in divyon-mada (een zeer intense staat van afgescheidenheid), was hij verbaasd, omdat hij zoiets nooit eerder had gehoord of gezien. Hij begon vervolgens te bidden, "O gopis, ik ben jullie verschuldigd, want jullie hebben Krsna zodanig gediend en liefgehad, dat Hij nu jullie exclusieve dienaar is. Hij behoort niemand anders toe. Hij heeft Zich aan jullie lotusvoeten overgegeven. Jullie woorden van afgescheidenheid hebben een grote zegen over me heen gesprenkeld, want zonder dit te hebben gehoord, was ik niet in staat geweest de diepe waarheden van jullie divyon-mada en andere emoties van liefde in afzondering te kennen."

De gopis antwoordden, "Wij hebben onze vader, echtgenoot, positie en de hele rest achtergelaten - alleen voor Krsna. Maar deze oplichter denkt nooit aan ons. Ga ons niet vertellen, 'O, Prabhu wil met jullie een compromis sluiten'. Wij zullen met Hem geen enkel compromis sluiten." Uddhava dacht, "Wat heb ik hier iets prachtigs gezien." Hij zei tegen hen, "Ik kom een bericht van Krsna brengen. Ik kan jullie persoonlijk niet tevreden stellen of kalmeren; ik kan jullie alleen Zijn boodschap overbrengen."

Uddhava probeerde hen toen gerust te stellen, maar hun liefde en genegenheid in afgescheidenheid werd steeds heviger en ze zeiden tegen hem, "Uddhava, we willen Hem niet herinneren. Als Hij ons kan vergeten, waarom zouden wij Hem niet kunnen vergeten? Maar het probleem is, dat wij Hem niet knnen vergeten. We willen het wel, maar we kunnen het niet." Ze keken in de toekomst en vervolgden, "Waarom zou Krsna hier naartoe komen? Hij heeft 16.108 prachtige vrouwen getrouwd en nu is hij de koning van Mathura en Dvaraka. Hij kan niet terugkomen. Als we Hem proberen te vergeten, komen in Govardhana en aan de oever van de Yamuna meteen herinneringen aan Hem naar boven, 'Dit is dezelfde ghat, waar Krsna altijd met ons speelde. Hier waren we altijd aan het dansen en zingen in maha-rasa'. Overal waar we gaan, moeten we aan Krsna denken." Toen ze dit zeiden, moesten ze huilen.

In de tussentijd begon Srimati Radhika te spreken,

he natha he rama-natha
    vraja-natharti-nasana
magnam uddhara govinda
    gokulam vrjinarnava

["O geliefde, O meester van de geluksgodin, O meester van Vraja! O vernietiger van al het lijden, til alsjeblieft Jouw Gokula op uit de oceaan van verdriet, waarin het ligt te verdrinken!" (Srimad-Bhagavatam 10.47.52).]

'Natha' betekent meester en ook meest geliefde. 'Rama-natha' betekent echtgenoot van Rama, Mahalaksmi, maar hier is Mahalaksmi Radha. "Je bent gekomen om al ons lijden weg te nemen." 'Natharti' betekent verdriet. Magnam uddhara govinda golukulam. Gokula is de woonplaats van go, gopis en gopas - de koeien, de koeherdersmeisjes en de koeherdersjongens. "Iedereen sterft in Jouw afgescheidenheid! O, kom alsjeblieft." 'Uddhava' betekent verlos hen en 'ama' betekent de eindeloze, bodemloze oceaan van afgescheidenheid. "We zinken allemaal af in die oceaan, dus kom alsjeblieft en haal ons eruit, of we sterven allemaal, inclusief Ikzelf." Toen zei Uddhava, "Door jullie te zien is mijn leven een succes geworden," en hij begon te bidden en de gopis op allerlei manieren te prijzen.

asam aho carana-renu-jusam aham syam
    vrndavane kim api gulma-latausadhinam
ya dustyajam sva-janam arya-patham ca hitva
    bhejur mukunda-padavam srutibhir vimrgyam

["De gopis van Vrndavana hebben de associatie van hun echtgenoot, zonen en andere familieleden opgegeven, terwijl deze zeer moeilijk op te geven zijn, en ze hebben het pad van kuisheid verlaten door hun toevlucht te nemen tot de lotusvoeten van Mukunda, Krsna, die men dient te leren kennen met behulp van Vedische kennis. Oh, laat me zo fortuinlijk zijn door een van de struiken, klimplanten of kruiden in Vrndavana te worden, want de gopis lopen over ze heen en zegenen ze met het stof van hun lotusvoeten" (Srimad-Bhagavatam 10.47.61).]

Hij beschouwde Krsna als de Allerhoogste Persoonlijkheid Gods en daarom bad hij, "Asam aho - ik bid aan de lotusvoeten van de Heer des heren, de Allerhoogste Sri Krsna. Vrndavane kim api gulma-latausadhinam - ik wil een geboorte krijgen in Vrndavana als een kruipplant of een andere lage plant, zodat het stof van de lotusvoeten van de gopis op mijn hoofd valt, wanneer de gopis erop uit gaan om Krsna te zien. Ik wil ieder blad gras (gulma lata) zijn, zodat de gopis het stof van hun lotusvoeten op mijn hoofd blijven strooien; dan zal mijn leven een succes zijn. Krsna is de Allerhoogste Godheid en het is zeer moeilijk om Hem een plezier te doen. Niettemin, ya dustyajam sva-janam arya-patham ca hitva - de liefdevolle gevoelens van divyon-mada en madanakya-mahabhava van de gopis zijn zo hoog, dat Krsna onmiddellijk aan de bhakta, die zich hen herinnert, verschijnt en hem Zijn volkomen zegen geeft. Srutibhir vimrgyam - de lotusvoeten van Krsna worden gediend door de Veda's. De Veda's kunnen die voeten niet bereiken, maar Krsna wordt beheerst door degene, die zich de gopis herinnert, vooral Srimati Radhika."

ya vai sriyarcitam ajadibhir apta-kamair
    yogesvarair api yad atmani rasa-gosthyam
krsnasya tad bhagavatah caranaravindam
    nyastam stanesu vijahuh parirabhya tapam

["De geluksgodin zelf samen met Sri Brahma en alle andere halfgoden, die meester zijn van yoga perfecties, kunnen de lotusvoeten van Krsna alleen mentaal vereren. Maar tijdens de rasa dans heeft Sri Krsna Zijn voeten op de borsten van deze gopis gezet en door die voeten te omarmen hebben de gopis al hun verdriet opgegeven" (Srimad-Bhagavatam 10.47.62).]

De lotusvoeten van Krsna worden maar zeer zelden gezien, zelfs niet door Laksmi, Brahma, Sankara en alle rsis en yogesvaras, meesters van yoga perfecties, zoals Brahma, Sankara, Sukadeva, Bhisma en anderen. De gopis daarentegen zetten Krsna's zeer zelden te aanschouwen lotusvoeten op hun borsten. De verborgen betekenis in dit vers is, dat juist de gopis degenen zijn, die met deze actie het verdriet van Krsna wegnemen.

Uddhava bad ook het volgende,

vande nanda-vraja-strinam
    pada-renum abhiksnasah
yasam hari-kathodgitam
    punati bhuvana-trayam

["Herhaaldelijk bied ik mijn eerbetuigingen aan het stof van de voeten van de vrouwen in het dorp van Nanda Maharaja. Wanneer deze gopis de glorie van Sri Krsna hardop bezingen, zuivert de vibratie de drie werelden" (Srimad-Bhagavatam 10.47.63).]

"Ik bid aan de lotusvoeten van de gopis van Nanda Baba's dorp. Ik bid zelfs aan een stofdeeltje van hun voeten." Dit betekent eigenlijk, dat hij n stofdeeltje van de lotusvoeten van Srimati Radhika wilde hebben. Door het horen van de uitdrukkingen van de gopis in hun gevoel van afgescheidenheid hier en hetgeen ze zongen na Krsna's vertrek uit de rasa-lila (jayati te adhikam) wordt het hele universum gezuiverd.

Dus Uddhava bad aan de gopis, "Nu wil ik naar Krsna gaan en Hem vertellen, 'Alle gopis, gopas, koeien en kalveren gaan dood - dus Je moet nu onmiddellijk teruggaan naar Vraja.' Zal ik Hem dit gaan vertellen?" De gopis antwoordden, "Zeg niets tegen Krsna. Als Hij daar gelukkig is, moet Hij daar blijven. Als Hij ons hart breekt - geen probleem. Hij is onze grootste geliefde en Hij heeft een heel zacht hart. Als Hij hoort, dat wij in afzondering van Hem allemaal liggen te sterven, kan Hij terstond Zijn leven opgeven. Dus zeg Hem niets. Je kunt Hem alleen iets op een hele subtiele manier vertellen. Als een stuk stof erg oud is, moet je het niet nat maken en zo hard wringen, dat het gaat scheuren. Dus zeg tegen Krsna niets over onze conditie, anders is Hij niet in staat dat te overleven."

Uddhava vroeg zich daarna af, hoe Krsna de gopis kon achterlaten, wier liefde en genegenheid zo verheven waren, en hij vreesde, "Als ik hier blijf, kan Krsna ook mij opgeven." Hij vreesde hiervoor, omdat hij de vertegenwoordiger van Mathura was, waardoor hij niet in het gezelschap van de gopis kon blijven. In plaats daarvan keerde hij terug naar Mathura en vertelde Krsna, hoe de gopis aan het treuren waren.

Ik heb dit in het kort verteld. Iedereen, die dit onderwerp uitlegt, moet huilen en een zeer hoge klasse afgescheidenheid ervaren. Maar ons hart is als steen, dat vanwege de aparadhas niet smelt. Jullie hart zal smelten, wanneer je het zuiver maakt. Uit op niemand kritiek en probeer dit derde vers van Sri Siksastakam van Sri Caitanya Mahaprabhu te volgen.

trnad api sunicena / taror api sahisnuna
amanina manadena / kirtaniyah sada harih

["Iemand die zich lager dan het gras beschouwt, die toleranter is dan een boom en geen persoonlijke eer verwacht, maar altijd bereid is alle eer aan anderen te betuigen, kan heel gemakkelijk en constant de heilige naam van God chanten."]

Volg de lessen van Srila Rupa Gosvami in Sri Upadesamrta (link). Dan worden jullie heel snel sterke toegewijden en zijn jullie in staat om deze onderwerpen te realiseren en dag en nacht te huilen. Krsna en Radha zullen dan komen om jullie Hun zegen te geven.

Redacteur Engels: Syamarani dasi
Transcribent en typist: Vasanti dasi



CC DEZE LEZING VALT ONDER CREATIVE COMMONS NAAMSVERMELDING-GEENAFGELEIDEWERKEN (CC BY-ND 4.0) INTERNATIONALE PUBLIEKE LICENTIE. GEBRUIK IN ZIJN GEHEEL EN ONGEWIJZIGD ONDER VERMEL-DING VAN AUTEUR, VERTALER, LICENTIE EN UITGEVERS ZOALS BESCHREVEN ONDER REFERENTIES.

Referenties
Licentie overzicht: https://creativecommons.org/licenses/by-nd/4.0/legalcode.nl
Auteur (spreker) Engels: Sri Srimad Bhaktivedanta Narayana Gosvami Maharaja
Uitgever India: Pure Bhakti/Teachers/Bhakti Discourses, "The Gopis' Mercy Upon Uddhava"
Vertaling Nederlands: Jaya Radhe/Bhakti Lezingen, "De gopis zegenen Uddhava"
Vertaler Nederlands: 2022 Indira dasi CC BY-ND 4.0 Enkele rechten voorbehouden
Uitgever Nederland: Pro Deo Uitgever Jaya Radhe





DIT DOCUMENT IS BESCHIKBAAR IN PDF
Vorige <= Kom met mij mee naar Nandagaon
Volgende => Sri Bhaktisiddhanta Sarasvati Thakura, de schenker van Madhurya-bhakti

TOP

title=""