Home


Artikelen


Wat is een Matha?

Etymologie

Een matha (maṭha) is een Sanskriet woord, dat "klooster, instituut, of college (universiteit, academie, hogeschool)" betekent, en het verwijst naar een klooster in het hindoeïsme. In bepaalde context verwijst het naar de "hut van een asceet, een monnik, of een persoon in de wereldverzakende levensorde (sannyäsi)."

Geschiedenis

Het kloosterleven van de Vedische traditie voor geestelijke studie of voor het bereiken van moksha (spirituele bevrijding) vindt zijn oorsprong in het 1ste millennium vóór de Christelijke jaartelling (1.000 – 0 v. Chr.).

Maṭhas namen in de loop der tijd toe met de meest beroemde centra voor de studie van Vedānta gesticht door Adi Shankara, die de tijd hebben overleefd. Andere grote en invloedrijke matḥas behoren tot verscheidene scholen in de hindoefilosofie, zoals die van het Vaishnavisme en het Shaivisme. Het klooster huisvest en voedt studenten, sannyāsī’s (kloosterlingen, asceten, en mensen in de wereldverzakende levensorde), gurus, en worden geleid door Ācāryas. Soms zijn deze kloosters verbonden aan tempels en hebben hun eigen gedragscodes, inwijdingen en verkiezingsceremoniën.

De vijf voorschriften van het monnikenleven (sannyäsa) werden het eerst ontwikkeld in de Vedisch brahmaanse tradities:

1.   Geen schade toebrengen aan levende wezens

2.   Wees eerlijk

3.   Neem nooit iemands eigendom weg

4.   Zelfbeheersing

5.   Wees vrijzinnig

De maṭha van het Middeleeuws Hindoeïme trok de patronage (bescherming) van koningen aan en daarmee ook het talent om disciplines (vakken) te ondersteunen. Deze begaafdheden, zegt Hartmut Scharfe, zijn, hetgeen men "de vroegste voorbeelden van universitaire eruditie" kan noemen [voetnoot 1]. Sommige van deze middeleeuwse maṭhas waren bestemd voor studie in Vedānta, maar sommige maṭhas uit de periode tussen 700 en 1.000 na Christus richtten hun aandacht voornamelijk op Shaivisme, Vaishnavisme, militaire oefening, vechtsport, muziek, schilderkunst en andere disciplines, inclusief onderwerpen, die waren gerelateerd aan boeddhisme en jainisme.

De maṭhas en aangesloten tempels gaven routinematig ruimte aan het voeren van debatten, de uitvoering van vedische voordrachten en wedstrijden onder studenten. In de geschiedenis van Zuid-India maakten deze activiteiten deel uit van festivals in de gemeenschap. Deze maṭhas vormden ook de centra, waar nieuwe teksten werden gecomponeerd en waar in bibliotheken en opslagruimten van antieke en middeleeuwse manuscripten door de eeuwen heen oude teksten zijn geconserveerd en vergane boekdelen vervangen zijn geworden.

Organisatie

De maṭha is een klooster met doorgaans talloze studenten, vele leraren en een geïnstitutionaliseerde structuur om de dagelijkse werkzaamheden te helpen ondersteunen en in stand te houden. Hun organisatie is complexer dan die van een āśrama (woonhuis voor sadhus) of gurukula (lagere en middelbare school voor kinderen), die doorgaans een winkel hebben en een kleinere groep studenten van levensonderhoud voorzien.

Evenals een universiteit, wijst een maṭha educatieve, administratieve (bestuurlijke) en sociale functies toe onder gebruikmaking van een voorvoegsel of achtervoegsel aan namen met titels, zoals Guru, Äcärya, Svāmī en andere. In Lingayat Shaiva maṭhas bijvoorbeeld zijn leraren Gurus, de bestuurlijke functies vallen onder de verantwoording van Ācāryas, en de zorg voor sociale relaties in de gemeenschap is de taak voor een Svāmī. Een dergelijke organisatievorm wordt aangetroffen in alle Vaiṣṇava maṭhas.

Acarya

Het woord Ācārya verwijst in de kloostertraditie naar een Guru met een hoge status, of – hetgeen vaker gebeurt – naar de leider van een klooster en een sampradāya (onderwijsinstituut, gezindte). Deze positie houdt een ceremoniële inwijding in, genaamd dīkśa, uitgevoerd door de kloostertempel, waarbij een voorgaand leider zijn opvolger tot Ācārya van de Math balsemt.

Guru

De maṭha is niet alleen woonhuis voor studenten, maar ook voor vele Gurus. In de hindoetraditie is een Guru iemand, die "leeraar, gids of meester" over bepaalde kennis is. Hij of zij is iemand, die meer is dan een leraar, die voor de student traditioneel een eerbiedwaardig persoon is. Een guru dient als "bemiddelaar, die waarden vorm geeft, die zowel praktische als literaire kennis met anderen deelt, die een voorbeeldig leven leidt, die een bron van inspiratie voor anderen vormt en die de spirituele ontwikkeling van een discipel vooruitgang helpt maken." Het woord verwijst ook naar iemand, die de belangrijkste geestelijke gids is, die anderen helpt dezelfde groeicapaciteit te ontdekken, die de guru zelf reeds had gerealiseerd. Het begrip guru is navolgbaar tot in antiek vedische tijden en wordt aangetroffen in traditionele scholen en in een matha.

Mathas in het Vaisnavisme

Madhvācārya, de stichter van de Dvaita Vedānta school, studeerde in een Advaita Vedānta klooster, evenals Ramanuja. Hij bleek het niet eens te zijn met Advaita en introduceerde de theïstische Dvaita school voor de interpretatie van Vedānta. Aan het begin van de 13de eeuw stichtte hij in Udupi acht maṭhas (kloosters). Deze worden Madhva maṭhas genoemd, of de Aṣṭa Maṭhas van Udupi. Hiertoe behoren ook Palimaru matha, Adamaru matha, Krishnapura matha, Puttige matha, Shirur matha, Sodhe matha, Kaniyooru matha en Pejavara matha. Deze acht maṭhas omringen de Ananteśvara Krishna tempel. De maṭhas liggen in een rechthoek, waarbij de tempels op een vierkant rasterpatroon zijn geplaatst. De monniken in de maṭha zijn sannyāsīs en de traditie van hun studie en opvolging (guru-parampara) werd door Madhvācārya gevestigd.

In heel India zijn Madhva maṭhas opgezet. Inclusief die in Udupi zijn er in India vierentwintig Madhva maṭhas. Het belangrijkste centrum van de traditie van Madhva is Karnataka (Zuid-India). Het klooster heeft een roterend systeem van hogepriesters, die voor een vastgestelde termijn hun positie als hogepriester bekleden. De hogepriester wordt svāmījī genoemd en leidt de dagelijkse gebeden aan Krishna volgens de traditie van Madhva en organiseert jaarlijkse festivals.

De opvolgingceremonie in de Dvaita school bestaat uit het verwelkomen van de nieuwe Svami door de aftredende Svami, waarbij ze samen naar de afbeelding van Madhvācārya bij de ingang van de Krishna tempel in Udupi lopen, Hem water offeren, hun eerbetuigingen tonen en dan dezelfde waterpot overhandigen, die Madhvācārya gebruikte, toen hij het leiderschap doorgaf van het klooster, dat hij had gesticht.

Het klooster heeft keukens, bhojan-śala, verzorgd door monniken en vrijwilligers. Deze keukens serveren zonder sociale discriminatie dagelijks voedsel aan 3.000 tot 4.000 monniken (brahmācarīs), studenten en pelgrims, die op bezoek zijn. Tijdens opvolgingsceremoniën worden meer dan 10.000 mensen door de Udupi bhojan-śalas van een vegetarische maaltijd voorzien.

Vaisnava Mathas

De Śrī Vaiṣṇava maṭhas zijn door de tijd heen in twee groepen verdeeld geraakt, een groep met een Tenkalai (zuidelijke) traditie en een groep met een Vadakalai (noordelijke) traditie van het Śrī Vaiṣṇavisme. De maṭhas geassocieerd met de Tenkalai traditie hebben hun hoofdkwartier in Srirangam, en de Vadakalai maṭhas zijn verbonden met Kanchipuram. Deze beide tradities hebben vanaf de 10de eeuw behalve hun huishoudelijke bezigheden ook het voeden van armen en toegewijden, die een bezoek komen brengen, het houden van huwlijksceremoniën en andere festivals van de gemeenschap, het bebouwen van landerijen en bloementuinen rondom de tempel ten behoeve van voedsel en verering, en het ontvangen en verzorgen van pelgrims als functies van een maṭha beschouwd. De filantropische rol van deze kloosters bestaat tot vandaag de dag. In de 15de eeuw hebben deze kloosters zich uitgebreid door in de grote lokaties van het Zuidindiase Śrī Vaiṣṇavisme Ramanuja-kuta te vestigen.

http://en.wikipedia.org/wiki/Matha

____________________________

1) Hartmut Schafe (2002), From Temple schools to Universities, in Education in Ancient India: Handbook of Oriental tudies, Brill Academic, ISBN 978-9004125568, pages 173-174.

 

Gaudiya Mathas


Bhaktivinoda De Gaudiya Math (Gauḍīya Maṭha) is een Vaiṣṇava maṭha (kloosterorganisatie), die werd opgericht op 6 september 1920 ongeveer 30 maanden, nadat Bhaktisiddhanta Sarasvati Thakura sannyāsa (de wereldverzakende levensorde) had aanvaard. Op 7 maart 1918, op dezelfde dag waarop hij sannyāsa had aanvaard, vestigde hij de Śrī Caitanya Math in Māyāpura in West-Bengalen, die later werd gezien als de stam van alle takken van de Gaudiya Math. Het doel was het verspreiden van Gaudiya Vaisnavisme, de filosofie van de middeleeuwse Vaisnava heilige, Caitanya Mahaprabhu, door middel van predikwerk en literaire publicaties.

Vanaf het begin van de bhakti-beweging van Caitanya Mahaprabhu in Bengalen hebben toegewijden, inclusief Haridasa Thakura en anderen eraan deelgenomen - ongeacht of ze moslim of hindoe van geboorte waren. Deze openheid en veronachtzaming van het traditionele kastensysteem werd leven ingeblazen door de "ruime blik" van Bhaktivinoda Thakura, een 19de eeuwse districtsbestuurder en een vruchtbaar schrijver over onderwerpen van bhakti. Deze gedachte werd geïnstitutionaliseerd door zijn zoon en opvolger, Bhaktisiddhanta Sarasvati Thakura, in de Gaudiya Math van de 20ste eeuw.

KesavaMath De Gaudiya Math heeft 64 vestigingen gesticht. De meesten waren in India, maar er zijn gedurende enige tijd ook predikcentra in Burma, Engeland en Duitsland geweest. Het eerste Europese predikcentrum werd gesticht in Londen in 1933 (London Glouster House, Cornwall Garden, W7 South Kensington) onder de naam 'Gaudiya Mission Society of London'. Lord Zetland, de Engelse Staatssecretaris, was president van deze gemeenschap. Het tweede Europese predikcentrum werd geopend door Svami B.H. Bon Maharaja in Berlijn (W30 Eisenacherstrasse 29). Op de afbeelding de Sri Kesava Gaudiya Math in Mathura UP, waar Srila BV Narayana Maharaja lange tijd heeft gewoond.

Spoedig na het verdwijnen van de stichter (1 januari 1937) ontstond er een tweestrijd en raakte de oorspronkelijke Gaudiya Math missie verdeeld in twee bestuurlijke organen, die ieder afzonderlijk met hun predikwerk doorgingen. Met een overeenkomst zijn de 64 Gaudiya Math centra in twee groepen verdeeld. De afdeling van de Sri Caitanya Math werd geleid door Srila Bhakti Vilasa Tirtha Maharaja. De Gaudiya Missie werd gedurende een korte periode geleid door Ananta Vasudeva Prabhu, die later bekend werd als Srila Bhakti Prasad Puri Maharaja, nadat hij sannyāsa had aanvaard.

Veel leerlingen van Bhaktisiddhanta Sarasvati Thakura waren het niet eens met de geest van deze tweedeling. Ze werden eenvoudig geïnspireerd om de missie van hun guru uit te dragen op basis van hun eigen enthousiasme en begonnen hun eigen missie. Enkele van de nieuwe missies zijn:

·      Sri Caitanya Sarasvati Math gevestigd door Srila Bhakti Raksak Sridhara Maharaja in 1941.

·      Sri Gaudiya Vedanta Samiti gevestigd door Srila Bhakti Prajnana Kesava Maharaja in 1947.

·      Sri Caitanya Prema Bhakti Sangh gevestigd door Sri Vasudeva Sharan Ji Maharaja "Virahi".

·      Sri Caitanya Gaudiya Math gesticht door Srila Bhakti Dayita Madhava Maharaja in 1953.

·      Sri Guru Prapanna Asrama gesticht door Srila Patitpavan Gosvami Thakura in 1958.

·      ISKCON gesticht door Srila A.C. Bhaktivedanta Svami Maharaja in 1966.

·      Sri Gopinatha Gaudiya Math gesticht door Srila Bhakti Pramode Puri Maharaja in 1989.

Sommige missies zijn heel groot en andere, die door individuele Vaisnava's zijn opgestart, zijn kleiner. Ze hebben gemeen, dat ze autonome takken zijn van de boom, Caitanya Mahaprabhu. Ze hebben bijna allemaal boeken en tijdschriften uitgegeven en hebben een of meer tempels geopend.


http://en.wikipedia.org/wiki/Gaudiya_Math


Nederlandse vertaling: 2017 Indirā dāsī
Publicatie: www.jayaradhe.nl

_________________________


Terug: Artikelen

Top

© 2017 Jayaradhe.nl